Archief in maanden: april 2008

De Ochtendzoen – Zezoenja

Dit stukje verscheen als column op VPRO’s Café De Liefde

Degene die de ochtendzoen heeft bedacht, verdient pek en veren. Minstens. De verleiding is groot om bij een ochtendzoen te denken aan lome lijven, de zon die een streep van zij tot zij trekt en slaperige lippen die willoos én gewillig zijn. Maar de werkelijkheid is weerbarstiger.

De werkelijkheid is er een van in je hand ademen en a. constateren dat er een goede smoes nodig is om die zoen niet te hoeven geven, of b. gokken dat die ander evenmin naar viooltjes ruikt en dat min maal min plus is. Tenminste als je van elkaar houdt.

Want dat is belangrijk. Van elkaar houden. Met een onenightstand die de avond ervoor werd geflatteerd door het juiste licht, wat geestverruimende middelen en een portie goede wil, is de ochtendzoen gedoemd er een te zijn van c. why the fuck blaast die gast niet even in zijn hand, en kiest hij niet voor de goede smoes uit antwoord a? Als je niet van iemand houdt, is min maal min geen optie. Dan is dat gewoon smerig.

Je kunt je afvragen waarom je de ochtendzoen zou geven. Waarom zou je niet – praktisch als je bent – eerst ontbijten, je tanden poetsen, je tong poetsen, je bovenlip epileren, en je beginnende baard aan banden leggen? Easy toch?

Welnu, dan heb je het magische moment gemist. De ochtendzoen is namelijk de relationele kickstart van de dag. Het is een belangrijke statusbevestigende daad; onzekere meisjes pruilen als ze ‘m niet krijgen, veeleisende echtgenotes verordonneren een ochtendzoen, en in een beginnende relatie is het een teken van consistentie, van ‘yup, ik vind je vandaag nog steeds lief’.

Geen van deze zoenen laat het toe dat er een uitgebreide opfrisbeurt aan voorafgaat en daarmee staat élk mens, élke dag voor een vreselijk dilemma: laat ik mijn beminde uitgebreid ondervinden hoe het diner van gisteravond na dertien uur ruikt, als teken van liefde, met het risico dat het slachtoffer in kwestie minder van kebab houdt dan ik en de benen neemt. Of weiger ik de ochtendlijke gelofte koelbloedig en kies ik voor ratio in plaats van romantiek – met alle pruilende meisjes vandien?

Het lijkt erop dat min maal min een dikke min blijft. Me dunkt dat het dilemma van de ochtendzoen de nodige pek en veren waard is.

Waarom de uitvinder van de
ochtendzoen pek en veren waard is

“De ochtendzoen is namelijk de relationele kickstart van de dag. Het is een belangrijke statusbevestigende daad; onzekere meisjes pruilen als ze ‘m niet krijgen, veeleisende echtgenotes verordonneren een ochtendzoen, en in een beginnende relatie is deze zoen een teken van consistentie, van ‘yup, ik vind je vandaag nog steeds lief’.”

Lees het hele stukje op VPRO’s Café De Liefde.

Wat heb ik nou aan jou

Zezunja: ‘Ik noem dat een Prodent-hond, omdat er ooit zo’n reclame was voor Prodent-tandpasta waarbij zo’n hond op het bed sprong en vrolijk deed en zo.’
Yuri: ‘Een bouvier?’
Zezunja: ‘Nee, nee, zo’n Samson-hond.’
Yuri: ‘Maar ik weet helemaal niet wat een Samson-hond is.’
Zezunja: ‘Dan ben je een slechte Belg.’

Provinciaals

We staan op het punt om weg te gaan. Yuri staat bij de tuindeur.
‘Zullen we die op slot doen?’, vraag ik
‘Waarom?’, zegt Yuri met verbijstering in zijn stem.
‘Nou… uhm… voor inbrekers…’, zeg ik, op mijn beurt verbijsterd door die vraag.
‘Inbrekers???’ Yuri kijkt me glazig aan.
‘Uh… ja… inbrekers.’ Ik peil of hij me in de maling neemt.
‘Daar heb ik in Leuven nog NOOIT van gehoord’, zegt hij hoofdschuddend.

Als ik even later een rondje Leuven fiets, zie ik op élke buitendeur maar één slot.
Ik vind het heerlijk.

(Aan de inbrekers die dit lezen: ik kom uit Amsterdam en ik doe elke deur en elk raam op slot, ook al woon ik in Leuven. En ik ben een vechtersbaas. U hoeft dus niet langs te komen.)

Mijn vijf en hun toppers

Ik zag een stokje geboren worden en dankzij Lilimoen sta ik er nu mee in mij handen. Als vanouds geef ik ‘m niet door. Stelen mag.

Toelichting op de titel:
In Vlaanderen kan dat nog, spreken over toppers. Er zit geen vieze bijsmaak aan van Geer, Goor en mensen uit programma’s als De Bus die elkaar te pas en te onpas een toppertje noemen. Brrr. Dat is fijn voor de Vlamingen, maar ik ben te Nederlands om dat woord zonder gène te gebruiken. Vandaar.

Elke rijtje is in willekeurige volgorde, dus 1 is niet beter dan 3. Een kwestie van appels en peren.

De top 3 van mijn neus.
1. zoet deeg dat wordt gebakken
2. eender welke vanillegeur
3. een kerstboom… uh… dennenbos – mijn lief als ik hem gemist heb – playmobilstiften – kip aan het spit in tijden van honger – koffie om zeven uur ’s ochtends - verse basilicum

De top 3 van mijn smaakpapillen.
1. zuurwaren (zure bommen, uien, etc.) van De Leeuw aan de Vrijheidslaan in Amsterdam
2. een bord rucola met dressing en een bord frietjes met zelfgemaakte mayonaise in een fijn restaurant
3. vanillemilkshake – pecannotentaart – basilicumdressing – mierikswortel met crème fraà®che en zalm – een glas ijskoude cola op een warme dag – hazelnootschuimtaart – verse korianderblaadjes – ongebakken zoet deeg

De top 3 van mijn oren.
1. het Vlaams van een actrice in de theatergroep van mijn lief
2. de intro’s met distortion van Dwarzand zoals ik die hoor ervaar vlak voordat ik inval met de zang
3. Mark Lanegan… uh… mijn lief die iets in mijn oor fluistert op een zwoele zomerochtendMiserere Mei van Allegri door goede uitvoerders

De top 3 van mijn ogen.
1. het uitzicht vanaf een berg in een dal met alleen maar bomen waar je de stam niet van ziet, waardoor het dal een donzen dekbed lijkt waar je in kunt duiken
2. Les Triplettes de Belleville (klik)
3. hoekige mensen als Maarten van Roozendaal en Jacques Brel – de schilderijen van Pyke KochYuri op het podium – alle kleurtjes op en rond mijn bureau – de poezen, kijk maar

De top 3 van mijn huid.
1. bloot in een wollige winterjas
2. een warm bad waar ik nood aan had
3. de zon op een windstille dag – een zachte bries op diezelfde windstille zomerdag - een opkomende xtc-pil – een Turks bad – een vrouwenzoen – net geschoren benen - Yuri

Gebenadigd

Tijdens de eindredactie van een artikel van iemand anders kwam ik het woord ‘gebenadigd’ tegen.

Daar moest ik even over nadenken.

Mag ik aan u voorstellen: Zezoenja!

Heren, dames, er zijn allerlei goede redenen om hier niet te komen. Zoals daar zijn: madame Zezunja schrijft steeds maar geen stukjes.

Welaan, ik schrijf ze wel, alleen ze verschijnen ergens anders. Daarom maak ik bij deze reclame voor mijn alterego op VPRO’s Cafe De Liefde: Zezoenja! Tien weken lang vindt u daar elke week een zoenstukje. Duizend kanten van zoenen in tien weken belicht. Kom daar maar eens om.

Het onderwerp vandaag is: de zoenevolutie, hoe een sollicitatiezoen kan omslaan in een lange-relatiezoen.

“De heer des huizes zoent mij als hij opstaat, als hij weggaat en als hij onverwacht van mij houdt. Hij zoent me bij het binnenkomen, bij het oppeppen en hij zoent de tranen van mijn wang. Hij zoent mij. Vaak. Genoeg. Maar je hebt zoenen en zoenen. De zoenen van de heer des huizes zijn in de loop der jaren veranderd. (…) “

Lees de spannende ontknoping van de zoenevolutie op de website van VPRO’s Cafe De Liefde. Het stukje is geschikt voor zowel Darwinisten als Creationisten. Klik op de site in de rechterzijbalk op het plaatje van Zezoenja en doe mee aan de zoenestafette.

Smak!

Zezoenja – De Zoenevolutie

Dit stukje verscheen als column op VPRO’s Café De Liefde.

De heer des huizes zoent mij als hij opstaat, als hij weggaat en als hij onverwacht van mij houdt. Hij zoent me bij het binnenkomen, bij het oppeppen en hij zoent de tranen van mijn wang. Hij zoent mij. Vaak. Genoeg.

Maar je hebt zoenen en zoenen. De zoenen van de heer des huizes zijn in de loop der jaren veranderd. Ik herinner me onze eerste, bange kus. Een kus die in niets lijkt op de kussen van rust die we nu uitdelen. Bange mensen, bange zoenen. Zoiets.

Een degelijke graadmeter in de zoenevolutie is de tong. Bij de sollicitatiezoen lijkt de tong van levensbelang. Een eerste kus zonder tong krijgt zelden het predikaat eerste kus. Bange zoeners tongen vaker.

Terwijl de lange-relatiezoen vaak juist een zoen zonder tong is. Ik bedoel: je hebt ze wel hoor, mensen die bij het thuiskomen hun vrouw eens stevig bekken – en ook nog voor het slapengaan, na het opstaan, en voordat ze de auto instappen om naar hun werk te vertrekken. Maar over het algemeen is de lange-relatiezoen veel te functioneel om eindeloze rondedansjes van de tong te behelzen.

Waar de eerste zoen vaak bedoeld is om de ander mateloos te boeien en te laten smachten naar meer, hangend tegen een barkruk of wriemelend op de bank, is de lange-relatiezoen veel meer een middel om gerust te stellen, om een degelijk soort liefde te betuigen. Bij tijd en wijle zal ook deze zoen een uitnodiging zijn tot méér, maar negen van de tien keer is hij bedoeld als daad van attentie voordat we kattenbrokken gaan kopen.

De hedendaagse lange-relatiezoen ten huize Zezoenja is een gezellige zoen. Ik zou ‘m niet willen missen. In alle beginnende relaties mis ik die zoen. Hoe opwindend de sollicitatiezoen uit het veroveringstijdperk ook is, ik snak altijd naar geruststelling. Doe mij een zoen die me kalmeert! Alsjeblieft!

Het probleem van de sollicitatiezoen en de lange-relatiezoen is: ze kunnen moeilijk naast elkaar bestaan. Een geruststellende zoen is bijna per definitie geen wilde tongzoen en een sexy zoen mag niet al te geruststellend zijn om nog sexy te zijn.

De enige oplossing is doen alsof. Dus als de heer des huizes kattenbrokken gaat kopen, negeer ik alle geruststelling in zijn lippen. Ik kijk naar ‘m alsof ik ‘m voor het eerst zie. Ik stel me voor, hallo, ik ben Zezoenja, en ik geef een bange kus terug. Op die manier hebben we soms, heel soms, een moment dat de zoenevolutie niet bestaat. Dan staat zijn gezellige lange-relatiezoen bol van belofte. En dan ben ik plots een creationist.

Zeg niet dat ik u niet
gewaarschuwd heb



Mijn voorlopig rijbewijs is al enige weken een feit, maar aangezien wij een autoloos gezin vormen, was er nog geen aanleiding tot waarschuwen. Nu de dokter en zijn vrouw bereid zijn met ons een auto te delen (dank daarvoor!) kan ik u met trots melden: hou uw kinderen binnen, sluit ramen en deuren en hou het radionieuws in de gaten, want ondergetekende gaat vanmiddag voor het eerst de weg op zonder dat er iemand anders op de rem kan trappen dan ikzelve.

Einde van dit politiebericht.

Leuven op de Nederlandse tv

In het programma 3 op reis zat afgelopen zaterdag een item over Leuven.

Voor iedereen die wil weten waar ik woon: bekijk hier de uitzending online (scroll naar beneden voor linkje ‘bekijk deze uitzending’). Het item over Leuven begint na 10 minuten.

Let vooral goed op bij het stukje over het Groot Begijnhof. Dat is namelijk mijn buurman en ik loop vrijwel elke dag over hem heen als ik boodschappen doe.

Het leven van een flapuit
gaat helegaar niet over rozen

Geen idee wat mij bezielde.

Misschien dat ik haar te mooi vind en daarom te bedreigend. Misschien dat het elastiekje van het Panosbroodje de raders van mijn iq had laten vastlopen. Misschien heb ik net als Sjeik de lentekolder in mijn kop. Misschien had ik een moment van kortstondige dementie, waardoor ik alle geleerde lessen uit mijn leven onbedoeld negeerde.

Maar hoe het ook kwam: ik vroeg haar of ze zwanger was.

Neeeee, dat vroeg ik toch niet écht? Jawel, dat vroeg ik echt.
Maar wist ik dan niet dat het risico van die vraag levensgroot is? Jawel, dat wist ik wel.
Maar vragen of iemand zwanger is op basis van een bol buikje, is toch iets dat je je voorneemt nooit te doen? Jawel, check, voorgenomen!
En ik deed het dus toch?
Ja.

En hoe liep dat af?
Zij zei, met een rood hoofd: “Ik ben al vijftig.”
Ik zei, met een rood hoofd: “O! Nee! Sorry!” (x 50)

Verder heb ik nog geprobeerd uit te leggen dat het een compliment is, omdat zwangere buikjes altijd heel pront bol zijn. Veel mooier dan niet-zwanger-dik.

Of het compliment ook als zodanig overkwam, durfde ik dan weer niet te vragen.

Wij maken nooit wat mee

Zezunja: ‘Weet je wat leuk was?’
Yuri: ‘Nee.’
Zezunja: ‘Dat de gft-zak niet lekte.’

Het gaat over spuug
en het is niet zo kort als ik wilde

De eenzaamheid kan enorm toeslaan als iemand op mijn wang spuugt. En dan bedoel ik niet spugen als in klodders en zo, maar zo’n minispatje op je wang of in je mondhoek. Zelden voel ik me meer aan mijn lot overgelaten als op het moment dat ik in de vuurlinie sta van iemand die met consumptie praat.

Ik ben zelf ook een met-consumptieprater, wegens beugelverleden en balk in mijn mond (waarover later meer), dus als er iemand is die weet dat zoiets kan gebeuren, ben ik het wel. Ik trek mij dan ook niet terug in mijn hoofd met een stapeltje verwijten, zo van ‘hee, jij spuugt op mijn wang’, nee, ik trek mij terug in mijn hoofd met empathie, schuldgevoel (!) en de overtuiging dat ik de redder van de situatie moet zijn.

De redder van de situatie, dat is een belangrijke job in een jong en dynamisch bedrijf. Aan mij de taak om iedereen met een big smile de situatie uit te loodsen. De eerste vraag die ik dan moet beantwoorden is: ga ik mijn instinct volgen en met mijn hand dat korte, koude spetje wegvegen?

Dat is gelijk een moeilijke vraag, want soms weet de spuger in kwestie niet dat-ie in je gezicht spuugde en dan is doen alsof er niets is gebeurd ook nog een mogelijkheid. Een zeer plausibele mogelijkheid zelfs, als je bedenkt dat het enige doel is: de situatie redden. Ik bedoel: zijn wij niet allen in wezen conservatief en willen we niet het liefst altijd doen alsof er niks is gebeurd?

Kortom: met die ene veeg zeg je tegen die ander: ‘Je spuugde in mijn gezicht en dat ga ik NU wegvegen.’ Probeer dan nog maar eens te doen alsof er niets is gebeurd.

Het probleem is echter dat je niet altijd weet of de ander het gezien heeft, waardoor de merkwaardige situatie kan ontstaan dat jij angstvallig probeert te doen alsof er niets is gebeurd, terwijl de ander zijn ogen gericht houdt op zijn eigen spatje. Hij zag het gebeuren, hij ziet hem nog zitten, maar er is een schijnsituatie ontstaan van mantels der liefde en goede vrede. En intussen zit jij met iets kouds op je wang.

Als je geluk hebt, droogt de spetter op, bij wat pech kan je de veegneiging niet bedwingen. In het ergste geval is hij verrast en beschaamd, omdat hij door die veeg fijntjes wordt gewezen op zijn orale tekortkomingen. Waarna je samen met de bal van je voet in de grond zit te poeren, terwijl je met gebogen hoofd allerlei sorry’s en tisnietergs stamelt.

En mijn god, hoe eenzaam is dat?

Wat denkt u?

Is heel korte stukjes schrijven beter dan helemaal geen stukjes schrijven?
De meeste stemmen gelden.