ARCHIEF:

augustus 2009

Perikel 1: Choco (3)

Voor de inleiding, deel 1 en deel 2 kun je hier terecht.

De tweede nacht in ons nieuwe huis verstreek en wederom had ik sluimerende buikpijn. Mike en Sjeik deden het goed in hun nieuwe omgeving. Eerst waren ze schuimbekkend op hun buik over de grond gekropen. Allebei. Bellenblazend van angst, maar retenieuwsgierig. Later ontdekten ze dat houten vloeren in het hele huis gelijk staat aan het kattenparadijs. Dus vonden we ze na verloop van tijd languit in deuropeningen, op de wc, op de trap en onder ons bed.

Maar Choco… Als ik aan haar dacht kromp ik ineen. Het allerbangste poesje dat ik ooit had gehad, was, nu al twee nachten moederziel alleen geweest, in een leeg huis dat galmt als ze met haar nageltjes over de tegels trippelt. Choco, die eigenlijk alleen maar rustig kon worden als wij bij haar in de buurt waren.

Maandag moest ik werken, maar Wannes zou het oude huis schoonmaken, dus er was die dag veel kans op een goede vangst.
‘Bel je me meteen als er nieuws is?’, vroeg ik toen ik voor dag en dauw naar Gent vertrok. Hij beloofde dat.

Ik hoorde niets.
’s Ochtends niets, ’s middags niets, op de terugweg niets.
Ik belde zelf.
‘Nog niks’, zei

Lees meer…

Volgende week

Dan ga ik weer gewoon een beetje tikken. Tot die tijd probeer ik alles wat aan het gewone leven doet denken glad te vergeten.

Perikel 1: Choco (2)

Deel 1 vind je hier.

Goed, waar waren we gebleven.
Bij onze eerste nacht in het nieuwe huis. Het huis waar de zon opkomt aan de keukentafel, het huis waar de slaapkamer voelt als de kajuit van een mooie boot, het huis waarin we in onze dromen al weken wakker werden.

Nu werden we er echt wakker. Zonder Choco. Zonder Sjeik. En ook al waren we pas om drie uur gaan slapen na een dag waarop we vier verdiepingen huisraad door onze handen lieten gaan, om half zeven stonden we weer naast ons matrasje. Moe en ongerust.

De autoloze zondag zou om negen uur beginnen, dus we hadden nog tweeëneenhalf uur de tijd om de poezen te vangen en ze naar het nieuwe huis te brengen.

In het oude huis heerste een diepe zondagochtendrust toen we er aankwamen. Binnen was er niks. Buiten ook niet. Leek het. Tot Choco zich even liet zien. Op het terras. We aaiden haar. Ze miauwde. De zon scheen. Alles leek goed.

‘Ik ga haar pakken, goed?’, zei Wannes.
‘Goed’, zei ik.
En toen ging alles heel snel.
Choco zette haar nagels in Wannes’ pols, in zijn borst, in zijn been en wrong zich in een soort s-bocht, maakte haar nekvel ongrijpbaar en draaide

Lees meer…

Terwijl ik me afvraag of ik vakantie heb

Eigenlijk moest ik natuurlijk allang het vervolg op ‘Perikel 1: Choco’ schrijven, maar ik probeer te doen alsof ik nog vakantie heb. Het is namelijk niet helemaal duidelijk of ik dat ook daadwerkelijk heb.
Als je door alle fysieke inspanningen honderd kilo afvalt, je onvrijwillig suf bureaucratiet en daarnaast ook nog eens allerlei voorstellen en offertes de deur uit doet, kun je dat nauwelijks vakantie noemen, maar als je tijd hebt om de eerste helft van La Meglio Gioventú in een ruk uit te kijken – drie fokking uur – terwijl je vorige week ook al Benjamin Buttons relaas zag – eveneens drie fokking uur – dan is er wel iets van vrije tijd gaande.
Ik werp mij met liefde nog eens drie uur op Matteo, Nicola, Giorgia en Giulia. Choco moet helaas nog even wachten.

*en dan moet u zich nu een testbeeld met ‘even geduld’ voorstellen*