Archief in kronkels: zicht

Ik ben de leider die ik niet wil zijn

Ik ben in alles de leider die ik niet wil zijn.

Een goed mens zou iedereen kunst en cultuur gunnen, mooie tuintjes voor de deur, fonteinen waar mogelijk, en toch minstens het minimumloon. Maar ik niet. Ik laat mensen komen om in houten hutjes te wonen en slechts te werken, te werken en te werken. Ze krijgen van mij niets meer dan het hoognodige: eten, een slaapplaats en water. En zodra ik ze niet meer nodig heb, sloop ik de hutjes en zet ik ze het land uit. Ik voorkom zelfs dat mensen hoogopgeleid of weldoorvoed raken. Daar worden ze alleen maar veeleisend van.

In tijden van armoede sus ik het volk met religie en als ik te veel onrust heb, hou ik de burgers van de straat door grote legers te vormen. Ook heb ik al ontdekt dat je het beste in de wapenhandel kunt gaan, als je wilt dat de economie floreert. En dat je wel corrupt moet zijn, als je levens wilt sparen. Ik won na 10 jaar alle levels van Caesar III, Zeus, Pharao en Emperor en ik weet nu waarom de wereld werkt zoals die werkt.

Ik ben in alles de leider die ik niet wil zijn en u kunt roepen dat het maar een spelletje was, maar ik geef u ongelijk. Want ik weet zeker dat ik het in het eggie ook zo zou doen. Het is namelijk de enige manier.

Goedbedoelde solidariteit: ik heb het vaak geprobeerd, in de begintijd, 1995 gok ik, gaf ik een tijd lang iedereen luxe spullen, een opleiding en vermaak. Maar daar valt niet tegenop te werken. Als je iedereen dát comfort wilt bieden, én gezondheid en veiligheid dan heb je elke persoon twee keer nodig om dat allemaal bij elkaar te produceren. Kortom: je hebt altijd mensen nodig die dingen maken die ze zelf nooit zullen gebruiken.

Ik ben in alles de leider die ik niet wil zijn en het werkt als een tiet. Smerige mechanismen kennen geen geheimen meer voor mij. Ik dump overschotten bij ‘bevriende’ landen, ik besteed zonder scrupules de helft van de schatkist aan omkoping en ik doe aan windowdressing: ik zet standbeelden neer terwijl er eigenlijk structurele oplossingen nodig zijn. Ik was een Obama in de dop en na tien jaar spelen ben ik verworden tot een Bush van het ergste soort.

Ik ben in alles de leider die ik niet wil zijn. Maar als ik de leider was geweest die ik had willen zijn, was ik nooit zover gekomen. En wat ik me nou afvraag: zouden de Balkenendes en de Bushes van deze wereld dat, na 10 jaar en zoveel levels, ook denken?

Vetvlekken op mijn leven


Zomer 2008, Ootmarsum

Soms zitten er zwarte vlekken op mijn lenzen. Mascaravlekken. De oorzaak ligt bij mijn bijziendheid. Herman Kuiphofs -9 werd een handicap genoemd. Ik heb -11.
Mascara breng je het beste aan met je contactlenzen uit, dan komen er de minste vetvlekken op je uitzicht. Maar als je -11 hebt, is dat schier onmogelijk. Je ziet je wimpers pas als je het spiegeltje op zo’n twee centimeter afstand houdt. Mijn hand past niet in een ruimte van twee centimeter.
Mijn wimpers zwart verven doe ik dus noodgedwongen met mijn contactlenzen in. Met als gevolg: veel vetvlekken op mijn leven.

En de winnaar is: de veelblogger

Ik won een paar awards. U weet wel, die awards die deze zomer wereldwijd over het internet werden uitgestrooid, met lelijke banners en verkeerdgeschreven adjectieven. Het mag duidelijk zijn waarom ik het awardplaatje niet plaats.

Maar goed: ik kreeg dus een award van Louise, van Urbain en van Flora Fleempaard. Die laatste voor een site waarvan ik slechts de komst aankondigde. Bovendien riep Pluk de nacht mij (als deel van een gezelschap) uit tot held en bombardeerde Als ik er ben dan bel ik mij tot favoriet.

Grof genoeg reageerde ik er niet op. Dat kwam niet voort uit arrogantie, maar uit schaamte. Ik vond mezelf awardwaardig in 2003, in 2004, in 2005, in 2006 en in 2007. Maar in het jaar dat ik mijn virtuele aanwezigheid gigantisch liet slabakken, 2008 – nee, in dát jaar vond ik mezelf geen award of heldendom waard.

Maar nu, bij mijn lustrumwedergeboorte, wil ik graag alsnog reageren met een welgemeend hoezee. Ik ben blij dat zulke goede schrijvers als Flora, Urbain, Sven, Louise en aiebdbi door dat gapende gat op mijn pagina heen keken en het fijn vonden dat Zezunja’s Zotisch Weblog (en in de toekomst ‘drie keer krabben’) überhaupt nog bestond.

Ik beloof deze drie aanmoedigers dat ik vol zal houden en de gaten hier weer met enen en nullen zal vullen. Bovendien zal ik nog wat namen noemen van mensen die wat mij betreft een award verdienen. Dat is moeilijk, want niet alleen ik ben als een plumpudding in elkaar gezakt in 2008, ook de rest van de blogprovincie waar ik mij in begeef, lijkt aan erosie onderhevig.

Ik wil dan ook de veelbloggers in het zonnetje zetten. Want ik kom wederom tot de conclusie dat de essentie van webloggen voor mij zit in het op gang houden van een continue stroom, waardoor de lezer (lees: ik) terugkomt uit nieuwsgierigheid. En wederom kom ik ook tot de conclusie dat ik in 2008 dus eigenlijk nauwelijks een weblogger was. En wederom neem ik mij voor dat voortaan anders te doen.

In dat licht wil ik dan ook zeker Esther een award geven. Als er iemand is die met ijzeren discipline doorkachelt, is het webbles.eu. Samen met Luna vormt ze de elite van de goede en frequent plaatsende lifelogs.

Ook in de categorie ‘veelbloggers’: Swan. Swan is een detailblogger. Detailbloggers zijn de aanjagers van het veelbloggen. Swan is soms alledaags, soms verre van alledaags, maar altijd eerlijk. Als je het weblog slechts één keer bezoekt, lijkt het wat navelstaarderig, maar alle details tezamen vormen een volgenswaardig verhaal. Eerlijke mensen waarvan je een redelijk compleet beeld krijgt, zijn schaars op ‘t net.

En tot slot een award voor de veelbloggers Shirley, Linda en Margriet van http://ervaringenvan2freelancers.web-log.nl. Okee, okee, ik ben een grote anti-comic sans- activist, maar als je daar even doorheen kijkt, is het een eerlijke site over (inmiddels) drie freelance journalisten die allerlei vragen en dilemma’s aan elkaar en aan de lezers voorleggen waar veel freelancers over piekeren.

Dit waren mijn favoriete veelbloggers, en wat blijkt: veelbloggers zijn vrouwen. Er zijn natuurlijk andere bloggers die ik van oudsher bewonder (bijzinnen, hmdodhbs, wijlen yuri maanzand etc.) maar dat zijn de usual suspects, die heb ik al zo vaak genoemd, bovendien laten sommige usual suspects het ook ernstig afweten.

In De Kiosk in de zijbalk vindt u een handjevol websites die ik graag lees. Elke keer dat u mijn site opnieuw bezoekt, verandert dat lijstje, dus f5 doen en vanaf hier over het internet struikelen is een optie.

Tot slot nog een paar bloggers die niet voor het predicaat veelbloggen in aanmerking komen, maar die ik toch graag een award geef. Manon Sikkel, een schrijfster en de schoonzus van mijn vroeger-beste-vriendinnetje-die-ik-nu-nooit-meer-zie, die ijzersterke stukjes schrijft. Roezemoezen, een weblogster die ik pas heel kort geleden heb ontdekt maar die mij nooit teleurstelt, en Tante Annie, omdat ze wanhopig graag de Site van het Jaar Weblog Award wil winnen, en omdat ze die ook verdient. Bovendien is zij eigenlijk wél een veelblogger.

Photoshop zonder computer

Een prachtige foto van hoe Photoshop er ‘in het echt’ zou uitzien.

Dubbel zo schattig

Een poesje met twee gezichtjes. Dubbel zo schattig (het poesje), dubbel zo zielig (het poesje) en dubbel zo lelijk (de gemiddelde Australische tongval).

100 dingen die je gedaan moet hebben

Ik zag de lijst eerst op een Amerikaanse site, toen bij Richard Osinga, en daarna nog bij Marina. Inmiddels had ik ‘m voor mezelf al eens ingevuld en nu er een rubriek ‘de 100 beste bestaat’ zwier ik ‘m ook maar op het net. De vette ‘items’ heb ik wel gedaan, de andere niet.

Ik ben streng voor mezelf geweest, want ik heb naaste collega’s, vrienden en opa’s en oma’s verloren, maar een ‘loved one’? Nee. En ook book clubs vallen af, terwijl ik lid was van de ECI… We hadden hier een heftige discussie over wat een meteor shower precies is, wanneer je iemands leven precies redt en wat in aanmerking komt voor het predicaat ’snow fort’. Ik zeg ‘t u: een leuk gezelschapsspel voor het hele gezin en niét duur.

1. Started your own blog(jawel, precies vijf jaar geleden, en daaaaarom zingen wij blij)
2. Slept under the stars(al toen ik kind was, ging ik met vriendinnetjes op het balkon slapen)
3. Played in a band(in meerdere bandjes)
4. Visited Hawaii
5. Watched a meteor shower (een vallende sterrenregen, zie intro)
6. Given more than you can afford to charity (automatische overschrijvingen waren een bitch in 2004)
7. Been to Disneyland
8. Climbed a mountain (klimgerei is een voorwaarde, vind ik – tsja, dan dus niet)
9. Held a praying mantis
10. Sang a solo (zie #3)
11. Bungee jumped
12. Visited Paris (in overvloed)
13. Watched a lightning storm at sea (wel vanuit veilige kusthotels, nooit vanaf de zee zelf)
14. Taught yourself an art from scratch (bijvoorbeeld liedjes maken)
15. Adopted a child
16. Had food poisoning (gewone buikpijn is er niets bij)
17. Walked to the top of the Statue of Liberty
18. Grown your own vegetables (dit jaar o.a. spruiten, paprika en pompoen)
19. Seen the Mona Lisa in France (in al die keren in Parijs nooit de behoefte gevoeld in de rij te gaan staan)
20. Slept on an overnight train (mijn hele jeugd gingen we met de slaaptrein op vakantie)
21. Had a pillow fight (én hoofdpijn)
22. Hitch hiked (van mijn vijftiende tot mijn twintigste was dat dé manier van reizen voor mij)
23. Taken a sick day when you’re not ill (wie niet?)
24. Built a snow fort (wie wel?)
25. Held a lamb (and a goat, and a pig, and a…)
26. Gone skinny dipping (gek hoeveel verschil een bikini kan maken – qua tactiele sensatie)
27. Run a Marathon
28. Ridden in a gondola in Venice (en ik geneerde me een beetje, dat toeristentreintjesgevoel)
29. Seen a total eclipse (met een brilletje!)
30. Watched a sunrise or sunset (dagelijks)
31. Hit a home run (de rest van de klas kon niet vangen)
32. Been on a cruise
33. Seen Niagara Falls in person
34. Visited the birthplace of your ancestors (Andijk!)
35. Seen an Amish community
36. Taught yourself a new language (Spaans heb ik geleerd door te doen)
37. Had enough money to be truly satisfied (jawel, en dat gaf rust maar ook onverschilligheid)
38. Seen the Leaning Tower of Pisa in person (en ik vond er niet zoveel aan, zoals vaker met trekpleisters)
39. Gone rock climbing
40. Seen Michelangelos David (dat maakte al iets meer indruk, zie #38)
41. Sung karaoke (maar nog véél te weinig!)
42. Seen Old Faithful geyser erupt
43. Bought a stranger a meal at a restaurant (vaker dan eens, ik trek zulke mensen aan)
44. Visited Africa
45. Walked on a beach by moonlight (maar dat is geen pretje voor een nachtblinde)
46. Been transported in an ambulance (onder andere met een aardgasvergiftiging)
47. Had your portrait painted (doorgaans leek het niet, ik blijk een ontekenbaar gezicht te hebben)
48. Gone deep sea fishing
49. Seen the Sistine Chapel in person (dat maakte verreweg de meeste indruk, zie #38 en #40)
50. Been to the top of the Eiffel Tower in Paris (x4 – veel gedoe voor een prachtig uitzicht)
51. Gone scuba diving or snorkeling (als ik heel ongelukkig ben, denk ik terug aan het snorkelen op Lesbos)
52. Kissed in the rain (ik vind dat heel filmisch)
53. Played in the mud (maar moerassen zijn leuker)
54. Gone to a drive-in theater
55. Been in a movie (een voorlichtingsfilm)
56. Visited the Great Wall of China
57. Started a business (klik)
58. Taken a martial arts class (karate, pentjak silat en tai chi)
59. Visited Russia
60. Served at a soup kitchen (Het Stoelenproject)
61. Sold Girl Scout Cookies
62. Gone whale watching
63. Got flowers for no reason (maar in België gebeurt dat zelden)
64. Donated blood, platelets or plasma (yup, ik heb het ijzergehalte van een man, dus ik kan een hoop missen)
65. Gone sky diving
66. Visited a Nazi Concentration Camp
67. Bounced a check
68. Flown in a helicopter
69. Saved a favorite childhood toy (vooral kinderboeken)
70. Visited the Lincoln Memorial
71. Eaten Caviar (was kok)
72. Pieced a quilt
73. Stood in Times Square
74. Toured the Everglades
75. Been fired from a job (toen ik 15 was, wegens niet functioneren – in het koffiezetten en stofzuigen)
76. Seen the Changing of the Guards in London
77. Broken a bone (rib)
78. Been on a speeding motorcycle (op een lege snelweg die nog niet af was)
79. Seen the Grand Canyon in person
80. Published a book
81. Visited the Vatican (heb zelfs de piëta geaaid en vond dat vies)
82. Bought a brand new car
83. Walked in Jerusalem
84. Had your picture in the newspaper (mijn oog)
85. Read the entire Bible (ik vind dat de kinderbijbel ook telt, die las ik zelfs meer dan eens)
86. Visited the White House
87. Killed and prepared an animal for eating
88. Had chickenpox (alle kinderziektes, meen ik)
89. Saved someone’s life (zie intro)
90. Sat on a jury
91. Met someone famous (van André van Duin tot Wim Wenders – you name it,I’ll drop it)
92. Joined a book club (zie intro)
93. Lost a loved one (zie intro)
94. Had a baby
95. Seen the Alamo in person
96. Swam in the Great Salt Lake
97. Been involved in a law suit
98. Owned a cell phone (dà»h)
99. Been stung by a bee (en een wesp, en een Pieterman – een giftige vis)
100. Read an entire book in one day (dat deed ik toen ik jong was dagelijks)

Wat deed MDF ook alweer?

Lees ook MDF zuigt.

En dit kwam ervan:


Men neme een gigantisch bureau, door Weederhelft in elkaar getimmerd, waaraan men al een jaar kantoorhoudt en waarvan men steeds zegt dat het bureau het verdient om geschilderd te worden.


Men vergete dat MDF zuigt en men brenge dus noodgedwongen vijf lagen in plaats van één aan.


Doordat het bureau van zijn plaats is, zijn er allerlei onverwachte, levensgevaarlijke boekenplanken in de looproute opgedoken, en zodoende jense men een winkelhaak in het voorhoofd (maar men phoptoshoppe natuurlijk wel de rimpels weg).


Men hebbe een resultaat om u tegen te zeggen en nu werke men dus aan een vrolijk bureau dat goed past bij wat men doet. Maar men moet er wel wat voor over hebben.

Mijn onvermogen om opgelucht te zijn

Het had een opluchting moeten zijn, maar dat was het niet.

Wacht, laat ik bij het begin beginnen.Ik reis graag alleen. Niet in het algemeen, maar pendelen naar mijn werk of reizen naar mijn roots doe ik het liefst in mijn eentje. Ik nestel mij graag op asociale wijze in de trein: kopje koffie, ruimte voor jas, tas, boeken en kranten. Liefst niemand naast me, en als wel: dan met het armleuninkje naar beneden, a.u.b.. Wegens chronisch ruimte- en privacygebrek in de trein vormt gezelschap vooral een belemmering voor mijn nesteldrang, dus ik reis liever alleen.

Maar elke frequente pendelaar weet dat alleen reizen niet evident is. Er zijn collega’s, kantinemedewerkers, mede-cursisten en toevallige ontmoetingen te over, en allemaal kunnen ze onverwacht dezelfde kant op moeten.

Het begon al als student op de School voor Journalistiek, waar ik voor het eerst werd geconfronteerd met het ongemak van een niet-zelfgekozen reispartner. Dagelijks reisde ik van Amsterdam naar Utrecht, dus het risico op gezelschap was levensgroot. Klasgenoten waar ik, op mijn reisroute na, niets mee gemeen had, docenten die zich net als ik geen houding wisten te geven en, jawel, kantinemedewerkers die mij nauwelijks kenden, maar wel keurig een praatje aanknoopten op het perron. Maar ook mensen die ik wel kende, meed ik liever in de trein.

Toen ik docent werd, was het nog erger. Per jaar kwamen er met gemak achthonderd vage kennissen bij en er waren nog immer docenten (die nu collega waren) die zich geen houding wisten te geven.

Zodoende ontwikkelt de notoire aso (lees: ondergetekende) trucjes om te voorkomen dat de hele reis opgaat aan ongewenst gezelschap. De gemakkelijkste methode is: naar einde van het perron lopen. De meeste mensen blijven ergens rond het midden hangen, dus die extra meters verkleinen de kans op ongewenst gezelschap enorm. Een andere methode is ‘de andere kant opkijken bij het wachten/instappen/plaatsje uitzoeken’. Die tactiek is al een stuk moeilijker, want in de meeste situaties is grote alertheid en scherp acteertalent vereist. Probeer een leuke kennis of een huisgenoot maar eens glashard te negeren. Voor het overige is het vooral een kwestie van het spitsuur vermijden en niet te veel door of langs een trein wandelen. Maar hoe je het ook bekijkt: op het traject Amsterdam-Utrecht of op Leuven-Antwerpen blijft het oppassen geblazen.

Onlangs had ik dus eigenlijk opgelucht moeten zijn. Er bleek een leuke kennis naast me te zitten in de trein. Iemand met wie ik graag praat, met wie ik graag omga. Maar ik zat in de trein, en tja, dan past gezelschap nu eenmaal niet in mijn patroon.

‘Je hoeft niet met me te praten hoor’ zei ze, alsof ik een bordje met mijn mores op mijn voorhoofd had hangen: ‘Ik ben Zezunja en ik word graag met rust gelaten in de trein.’
Ik voelde me betrapt. Wat raar was, want misschien kwam haar geruststelling voort uit haar eigen onwil om Antwerpen-Leuven door te brengen met small talk. Haar kennende, was die kans zelfs best groot en dan waren we dus bondgenoten.

Maar mijn gevoel van betraptheid nam het over, dus ik begon smoesjes te verzinnen waarom ik inderdaad ‘die dag’ niet zo sociaal was. En dat ik ‘best wel’ wil praten, ‘hoor’, in de trein, wat dus helemaal niet waar was. En vervolgens zit ik dus de hele reis te bedenken hoe stom en ingewikkeld ik wel niet in elkaar zit.

Wat u nog van mij wilde weten

Ik vroeg u of u nog iets te vragen en had en dat had u.

Ex-buurvrouw vroeg:
Wanneer doen we nog eens iets leuks en ontspannends? Binnenkort heb ik weer aaaaalle tijd waarschijnlijk.
Lieve Ex-buurvrouw. Ik stel voor dat we in januari iets heel leuks en ontspannends gaan doen. Iets als locatiefestivals en culturele magazines bedenken onder het genot van een kopje koffie en een éclairke.

Dhr. ‘ti vroeg:
Wanneer zijn jullie van plan voor nakomelingen te zorgen?
Mijnheer ‘ti, als ons leven eindelijk in rustiger vaarwater terechtkomt op het gebied van werk, huis en financiën, gaan wij vast op een drafje voor nakomelingen zorgen. Mijn emigratie hier naartoe en überhaupt het feit dat wij elkaar pas vier jaar kennen, noopt ons ertoe nog even pas op de plaats te maken. De meeste stukjes van ons leven liggen inmiddels wel weer op de juiste plek, maar er zijn nog wel wat ongewisse factoren in ons bestaan. We wachten nog heel even met de volgende aardverschuiving.

Lies vroeg:
Hoe heb je dat gedaan, dat met die nachtkastjes en oude covers? Met foto, alsjeblieft :-)
Beste Lies,
Ze zijn net helemaal klaar. Hoe ik het heb gedaan? Eerst alle covers die ik gebruikte ingescand, zodat er geen wonderen uit 1948 verloren zouden gaan. Daarna de plaatjes gesorteerd en een beetje gepland wat ik waar zou doen. Vervolgens met prittstiften en scharen in de weer en hopla, klaar is kees. Hieronder een belabberd fotootje van een van de twee kastjes – mijn fototoestel is stuk.

Frommel zei:
Ik wacht nog op de Leuven-tips…
Beste Frommel, mijn excuses, het is soms nogal een zooitje op de postafdeling.
Ik verwijs je in elk geval door naar de tips die ik hier al eens gaf. Kun je verder nog iets specifieker zijn? Leuven is namelijk vooral een leuke struin- eet en drinkstad, maar als je iets rechtstreeksere vragen stelt, kan ik misschien waarschuwen dat dat hier niet te vinden is. ;)

Roos vroeg:
Ja, ik mis Niet Lief ook! Valt er niet opnieuw zoiets op te zetten???
Dat is misschien best een optie, maar ik ben nog even totaal niet in de gelegenheid daar zelf de eerste stap in te zetten, dus ik zeg hold that thought.

Sillyfish vroeg:
Boekentips!
Waarde Sillyfish, ik ben een waardeloze lezer dezer dagen. In vakanties lees ik met gemak vijftien boeken in drie weken, maar aangezien ik al vijf jaar nauwelijks op vakantie ga, kom ik misschien net aan vijf boeken per jaar. Het afgelopen jaar las ik het laatste deel van Harry Potter en ik was verdrietig dat het gedaan was. Ik las Het zijn net mensen van Joris Luyendijk en ik vond het een fijn boek, terecht een bestseller. Ik las de Schrijfwijzer van Renkema, maar die las ik sinds 1994 al meerdere keren. Niet echt een leesboek, maar noodzakelijk voor eindredacteuren en zulks. Ik werd voorgelezen uit Hugo Matthijssens De avonturen van Ivanhoe, maar daar heb ik de helft van gemist omdat ik vaak in slaap val als ik word voorgelezen. En op de plee las ik het Weedgenietboek, van de Vlaming Karel Michiels over, jawel, wiet.

Juksti vroeg:
Geheimpjes. Waar of verzonnen, dat maakt me niet uit.
Men heeft mij al vaker om geheimpjes gevraagd op mijn weblog, maar ik ben voor speldiscipline en dat betekent dat geheimpjes geheim dienen te blijven, anders zijn het geen geheimpjes meer.
Ik kan wel even dat stokje lenen dat over het internet wordt gekeild, waarin men vraagt om zes dingen die (bijna?) niemand van je weet. En daarbij zoek ik dan even de onschuldige zaken uit, want anders komen we toch weer bij die geheimpjes.

1. Ik loog vroeger dat mijn opa Indonesisch was.
2. Ik gooi soms bijna een heel biologisch groentepakket weg, wegens zó lang laten liggen dat het zelf de weg naar het afvalstation vindt.
3. Ik stond vroeger voor de deur van mijn vriendjes met een zaklantaarn naar binnen te schijnen.
4. Ik vind maar weinig ontmoetingen echt leuk.
5. Ik wil graag dat andere vrouwen jaloers op mij zijn – liefst vanwege mijn vriendje.
6. Ik kraste in mijn dagboek en veranderde namen, data en classificaties van mensen (van ‘leuk’ naar ’stom’ etc.) in de hoop dat ik zo mijn geschiedenis voorgoed kon veranderen.

Dé Zezunja

Ik besloot er niet langer doekjes om te winden. Een lifelog, zoals dit zo mooi heet, is natuurlijk niets anders dan een virtueel personality magazine. Ik lach heel hard om al die megalomane projectjes van de Oprahs, de Lindas, de Goedeles en de Jean Maries onder ons, maar ondertussen zijn wij lifeloggers natuurlijk geen haar beter. Vandaar en daarom. U mag zelf bepalen of u hier met een parodie of met een pretentieus en narcistisch medium te maken heeft.

Geachte passant, functioneert het?

Lieve lezers, werkt het allemaal?
Draait mijn site ook op uw aftandse browsertje? Op uw met stoom aangedreven internetverbinding?
Ziet u de plaatjes? Vallen er geen gekke gaten in de stukjes of in de zijbalk?
We hebben de webzijde namelijk in het Natuurhistorisch Museum op alle mogelijke fossiele surfapparaten uitgetest, maar er kan altijd een probleempje zijn dat wij over het hoofd hebben gezien.
Bij deze wil ik ook de firma Vlugge Vingers, eveneens bekend als wijlen Yuri, cq. mijn Weederhelft bedanken. Hij staat doorgaans garant voor het bewaken van de technische bruikbaarheid van mijn vormgeving en hij zet de puntjes op alledrie de i’s in ‘technische bruikbaarheid’.
Heeft u problemen? Meld dan het probleem en uw browser (plus versienummer) in het reactiedinges hieronder. Dankuwel.

Welkom op mijn identiteitscrisis (2)

In november 2006 kondigde ik een identiteitscrisis (1) aan op mijn weblog. Ik was verhuisd naar België, naar een ander internetdomein, naar een andere plek in mijn hoofd en ik maakte u daarvan deelgenoot door flink te schuren, te schilderen en te behangen. Mijn weblog werd groen, met kadertjes met ronde hoekjes, met veel ismen en tal van colorized foto’s.

De identiteitscrisis was voor even gesust, maar niet voor lang, want in 2007 gooide ik het interieur opnieuw volledig om, met een prominente plek voor De Een en De Ander en een overdaad aan functioneel wit.

En weer was dit medicijn maar net voldoende om mij een jaartje te kalmeren, want ik begon onlangs opnieuw met de bank te schuiven, de deurposten af te krabben en de gordijnen te wassen.

Deze keer heb ik wat risico genomen: ik heb het wit geskipt en ik heb mij in het keurslijf van ‘het ouderwetse’ gedrongen. Voordeel: alles is in delen weg te smijten. Dus met de nieuwe thema’s (het thema ‘zicht’ is een tijdelijk gegeven) kunnen er ook allerlei andere elementjes worden aangepast.

Afgelopen dinsdag bestond mijn weblog 5 jaar. Een goede reden om een nieuwe jurk te kopen, dunkt me.

De Eenzame Planeet van Onmin: Eten & Drinken

Voor VPRO’s Café De Liefde schetst Zezunja een reisgids in tien delen over het eeuwenoude vestingstadje Onmin en schetst het mistige dal waar de liefde op de helling staat. Ze duidt de cultuur, de taal en de mensen in het universum van ruzie, rotzakken en jij-bakken.


‘EN NU LOOPT HIJ WEG!!! Terwijl hij volgens mij donders goed beseft wat hij mij AANDOET!! Waarom loopt die klootzak altijd gelijk weg?! Om mij te straffen? Om zichzelf een goed gevoel te geven? Het gevoel dat hij een hele peer is? Ik snap niet waarom hij roept dat hij van mij houdt. Terwijl hij er vervolgens alles aan doet om mij weg te jagen. Ik haat hem soms ECHT!!!’

Aan het handschrift kan ik zien dat ik niet alleen kwaad ben, maar ook dronken. Zo dronken dat ik niet onderdoe voor de eerste de beste huisarts. Het is een wonder dat ik het nog kan lezen en het is de vraag waarom ik het in mijn dagboek schreef. Om mezelf gelijk te geven? In de hoop dat hij, het lijdend voorwerp, het las? Dan had ik misschien wat duidelijker moeten schrijven. Of was het gewoon therapeutisch? Om mijn woede kwijt te raken?

Als dronken vrouw ben ik onnavolgbaar. Ik heb een vurige dronk, die wanneer de sterren gunstig staan, leidt tot geanimeerde gesprekken, uitwisseling van diepe zielenroerselen en de hoogstnoodzakelijke big smile. Maar o wee als er sprake is van een slecht gesternte. Dan ga ik discussiëren tot ik erbij neerval. Dan bestel ik nog een cognac, en nog een en nog een. En dan heeft hij het gedaan. Alles. Hij. De Grote Schuldige Die Zich Wat Meer In Mij Moet Verplaatsen. Of Hij die gewoon ongelijk heeft, tot hij mij gelijk geeft.

Drank in Onmin: je moet ertegen kunnen. En er zit een gemeen kantje aan, want drank verandert gedurende een relatie danig van gedaante. In het begin, als Onmin nog Bemin is, dan helpt het je de relatie op poten te zetten. Misschien had je nooit met hem gezoend zonder die halve fles wijn, en misschien hadden jullie nooit zoveel over jezelf verteld als er niet een paar glaasjes aan te pas waren gekomen. Maar dan maakt de roze wolk plaats voor de blinde waas van de kwade dronk of het dagelijkse glas te veel (‘Zou je dat nou wel doen?’). En dan is er geen redden meer aan.

Na de Wittebroodsweken zou er eigenlijk op elke fles drank moeten staan: ‘Warning: contains flammable liquid’. Want dan blijkt bier ineens veel voedingsstoffen te bevatten die rechtstreeks opgenomen worden in het de Vurige Verbitterde Hart. Waar het aan het begin van de relatie fijn is dat een mens wat opener wordt van een beetje alcoholica, kan tegen de tijd dat een relatie rijp is voor onontkoombare averij, dat ene glas het verschil maken tussen een redelijk gesprek en een hoop stampij.

Ik besprenkel mezelf zo nu en dan. Niet vaak, maar altijd met de vuistregel: één ei is geen ei en dat geldt ook voor glaasjes cognac. En daarmee is mijn vriend gedwongen eens in de zoveel tijd de hemel af te turen. Hand boven zijn hoofd, wenkbrauwen gefronst, iets murmelend als ‘hoe staan de sterren vandaag in het Eenzame Universum van Zezunja?’ En dan houdt hij zijn hart vast.