Archief in kronkels: Zinnig

Intussen…

…ben ik het een beetje aan het renoveren hiero. Er komt een jubileum aan.
Even geduld a.u.b.

Omdat u The King of Kong had moeten zien, ga ik weer stukjes schrijven

Toen ik zag dat gisteren The King of Kong op tv was, de docu waarover ik een tijdje geleden schreef dat-ie super grappig was en dat u ‘m allemaal moet gaan zien, en toen ik me realiseerde dat ik daar dus niet eens een aankondiging van op mijn site had geschreven, toen werd het me ineens glashelder: ik verwaarloos mijn weblog en het weblog verwaarloost u.

Dus toen ik zojuist een zin van Jan Blokker over stupide reclames las (“Wie verzint zulke enigszins gestoorde spotjes? Interessanter is natuurlijk de vraag wie vervolgens de telefoon grijpt en het bijgevoegde 09-nummer draait. Ik denk de wethouders van Asten, Goes en Amstelveen, en iedereen die z’n hele hebben en houwen naar IJsland mailde.”) en ik die zin fantastisch vond, dacht ik: ik ga mijn weblog voor de gein eens even niet meer verwaarlozen.
Bij deze.

Gevraagd: relatieruzietaal

Een oproep aan al mijn lezers: kent u woorden en zinnen die in een relatie óf tot ruzie leiden óf in ruzies gebruikt worden? Gooi uw bijdrage sjeblief in de reacties (mag anoniem!)!

Voor de aflevering Taal in de Onmin-serie wilde ik deze week de taal van precaire situaties behandelen, maar aangezien ik een schat aan lollige dan wel schrijnende zinnen en woorden vermoed bij mijn lezers, zet ik de Taal-aflevering van De Eenzame Planeet van Onmin even on hold.

Een voorbeeld van het soort zinnetjes dat ik bedoel:
Ruzieveroorzakende zinnetjes als:
‘Vind je mij dik?’
‘Wil je liever met je vrienden op vakantie dan?’
‘Waar denk je aan?’

Heatofthemomentzinnetjes:
‘Dan ga je toch weg als het je niet bevalt!’
‘Je moet niet zo tegen me schreeuwen’

‘t Zijn cliché’s, ik beken, maar voor mijn taalstukje heb ik ook – of misschien juist – cliché’s nodig. Dus kom maar op! Maar als u orginelere edoch evenzeer universele relatietaalkwesties weet: eveneens graag! Bedankt! En tot ziens!

Zezunja

Un petit commercial break

Omdat er veel cursussen al in september beginnen en jullie vast niet dagelijks de site van Het Eiland Neus herlezen, even een overzichtje van alle cursussen die jullie bij mij kunnen volgen dit najaar:

Cursus Columns Schrijven bij de SchrijversAcademie in Antwerpen
Vijf zaterdagen (namiddagen) in september. We schrijven, schrappen, schaven en lakken. Na vijf weken heb je vier columns, een hoop ideeën en hopelijk nog meer zin in schrijven. Voor meer informatie en inschrijvingen kun je terecht op de site van de SchrijversAcademie.

Cursus Columns Schrijven bij Wisper in Leuven
Vijf donderdagavonden in oktober en november. Zie de beschrijving van de cursus in Antwerpen. Voor meer informatie en inschrijvingen kun je terecht op de site van Wisper.

Cursus Journalistiek Proza – Reportage Schrijven bij Wisper in Leuven

Vijf zaterdagen in oktober en november (hele dag). Zin om mooie lange verhalen met een kern van waarheid te schrijven? Volg dan de cursus reportage schrijven. Het eerste deel van de cursus is gericht op research: eropuit gaan, inlezen, navragen, plannen. Dan volgt de gebeurtenis waarover je een reportage gaat schrijven. De laatste drie weken schrijven, lezen en herschrijven we de verhalen. Voor meer informatie en inschrijvingen kun je terecht op de site van Wisper.

Cursus Webloggen bij Wisper in Leuven
Tien maandagavonden in september, oktober en november. De cursus bestaat uit twee delen. Enerzijds het bouwen van het weblog, de lay-out en het toevoegen van beeld, geluid en andere toepassingen. Anderzijds, en daar kom ik in the picture, het bedenken van het concept, de inhoud, de schrijfstijl en de beeldtaal. Vijf avonden verzorg ik lessen over content op basis van mijn ervaring als tijdschriftdenker en weblogkenner. Voor meer informatie en inschrijvingen kun je terecht op de site van Wisper.

Er volgen vermoedelijk nog meer cursussen, daarover zal ik jullie op de hoogte houden.

Blind

Dit filmpje maakte ik bij station Gent Dampoort. Daar heeft ooit iemand het plan opgevat om zo’n mooi blindenpad aan te leggen. Ik heb daar zo mijn bedenkingen bij.

Bedenking 1
Dat pad begint zomaar in The Middle Of Nowhere, en om daar te komen moest ik als ziende ogen in mijn rug hebben niet onder een bus van het busstation te belanden. Als je daar als blinde terecht weet te komen, heb je helemaal geen blindenpad nodig.

Bedenking 2
Het eerste stoplicht is geen stoplicht, waarschijnlijk omdat er alleen maar verkeer van het busstation afkomt. Denk je ‘ns in dat ik een blinde was geweest, dan lag ik nu dus mooi wel onder een brommer én een bus. Je zou van minder bezwijken als blinde.

Bedenking 3
Die knopjes voor het piepgeluid zitten best ver van het blindenpad. En zonder de knopjes gaat er never iets op groen daaro.

Bedenking 4
Als ziende moet je al hollen om twee zebrapaden inééns te lopen, me dunkt dat alleen de heel geduldige blinden zonder brokken aan de overkant komen.

Bedenking 5
Het einde is gewoon sadistisch.

NB
Om al mijn bedenkingen te begrijpen moet je mijn filmpje bekijken.

Laatste kans

Schrijf u nu in voor de cursus Columns Schrijven op de SchrijversAcademie in Antwerpen en u weet zich vijf zaterdagmiddagen verzekerd van mijn educatieve gezelschap. De cursus begint over anderhalve week en er zijn nog plaatsen beschikbaar. Wees er snel bij. Inschrijven kan door een mailtje naar de SA te sturen en het inschrijfgeld over te maken.

Klik hier voor meer informatie.

Asjemenou

Uh, ja, reclame dus maar weer. Altijd een beetje saai, maar in het verleden heeft het gewerkt, dus ik blijf het doen.

*Loekie de Leeuw doet een dansje*

Allereerst de Wispercursussen. De cursus Columns Schrijven in april in Gent zit helemaal vol, maar in de cursus over anderhalve week in Leuven is voor zover ik weet nog een plaatsje beschikbaar. Klik hier om je in te schrijven.
Verder organiseer ik op 3 en 4 juli een Zomerspecial Columns Schrijven voor Wisper in Gent die ik als volgt heb omschreven:
Op ludieke wijze aan materiaal komen voor een column, dat is de bedoeling van de Zomerspecial Columns Schrijven. Natuurlijk staan we ook stil bij de verschillende verschijningsvormen van de column en bij stijl, taal en opbouw. Maar de breinbries die nodig is om een onderwerp op een originele manier te benaderen, voert de boventoon. Ideeën liggen op straat, invalshoeken op een vergeten hersencel in je hoofd en mooie woorden nestelen zich stiekem op een van je smaakpapillen. In twee dagen gaan wij die ideeën, invalshoeken en woorden zoeken… en vinden.
Deze cursus staat nog niet op internet, maar je kunt altijd naar Wisper bellen. Dan ben je er vroeg bij, wat een voordeel kan zijn, gezien het feit dat de eerste cursus Columns Schrijven in Gent vier maanden op voorhand al vol zat.

*Loekie blaast op zijn fluit*

En dan: Antwerpen. Vanaf 23 februari geef ik vijf zaterdagen een cursus Columns Schrijven bij de SchrijversAcademie in Antwerpen. Ik weet niet precies hoe het ervoor staat met de inschrijvingen, maar ik heb het vermoeden dat er nog plaats is, dus aarzel niet en schrijf je in. Inschrijven kan per e-mail (zie de gegevens op de website).

*Loekie valt op zijn hoofd*

Tot slot: de cursus eindredactie van Miles staat ook weer gepland voor het voorjaar. Samen met good ol’ Ludo Permentier (bekend uit de Standaard en van de jury van het Groot Dictee) geef ik tien weken op dinsdagavond een zeer gedegen cursus eindredactie voor beroepsschrijvers en studenten. De cursus is prijzig, maar een voordeel is dat je dit jaar opleidingscheques kunt gebruiken. Inschrijven kan via de website van de Miles Academy.

*Loekie zwaait*

A little more information than…
en waarom ik dat niet erg vind

Elsewhere schreef het gisteren nog: way too much information. Dat ging vermoedelijk over dat zeiken in de wasbak, hoewel ik niet uitsluit dat ze een teringhekel aan Krezip heeft. Hoe dan ook, haar reactie sluit naadloos aan bij de vraag van Nina die ik nog zou beantwoorden. Wat is publiek en wat is privé, en in hoeverre zitten mijn familie/collega’s/vrienden op mijn schouder als ik schrijf.

Welnu, ik heb een paar ijzeren wetten: geen foto’s van anderen op internet zetten (tenzij een oog of wazig in de achtergrond), geen info over anderen verstrekken op internet, geen concrete medische info over mij en anderen en… uh… dat is het wel zo’n beetje.

In het begin, vier jaar geleden, dacht ik daar anders over. Toen schreef ik vrijwel niets persoonlijks, mijn ware identitiet was niet bekend en er stonden ook geen herkenbare foto’s van mezelf op mijn site. Gevolg: mijn stukjes hadden kraak nog smaak en ze hadden bovenal niets met mij te maken. Niks aan dus.

U kunt het navragen bij mijn vrienden: ik bén een uitgesproken mening, ik bén een liefhebber van smeuïge details, ik choqueer graag en ik werp graag knuppels in hoenderhokken c.q. proefballonnetjes in de lucht c.q. mijzelf in de openbaarheid. Met andere woorden: dat is mijn kracht. En hoewel het vast ook mijn zwakte is, heb ik ervoor gekozen mijn kracht optimaal te benutten.

Er zijn meer mensen die op weblogs schrijven, er zijn meer goede journalisten, er zijn meer columnisten, er zijn meer mensen die kunnen wat ik kan. Maar alleen à­k kan mezelf zijn. En dat is iets wat ik steeds meer besef. Ik kan mezelf alleen maar onderscheiden door mezelf te zijn.

Met andere woorden: ik denk dat ik in werk, webloggen en de rest van het leven vooral gebaat ben bij weinig censuur en veel jolijt. En persoonijk vind ik dingen die op de rand van ‘kan dat?’ balanceren het allerleukst om over te schrijven, te lezen en te praten. Dwarzand en ik praten dolgraag over leugens en bedrog, mijn lief en ik praten dolgraag over vieze dingen en ik praat met vrienden graag over heel persoonlijke dingen. De grote gemene deler is niet aan mij besteed en ik zit ook niet echt te wachten op publiek/lezers die willen lezen over schapen en lemmingen. Daarvoor moeten ze bij de schapen en de lemmingen zijn.

Kortom: hoe persoonlijker hoe beter, hoe schokkender hoe leuker en hoe ranziger hoe vrolijker. In die zin is er niet zo heel veel verschil tussen publiek en privé. Daarbij wil ik wel een kanttekening maken: ik schaam me wel eens. Meestal is dat als ik thuis kinderachtig doe, tegen mijn lief that is. En omdat ik de tijd dan het liefst zou willen terugdraaien, zou ik wel gek zijn daar iets over op tinternet te pleuren. Met een waybackmachine is het namelijk nog onmogelijker de tijd terug te draaien dan in m’n hoofd. Bovendien kan ik mijn lief nog wel bedotten met veel het spijt me’s en sorry’s, maar het internet is onverbiddelijk: eens geschreven blijft geschreven. Dus wanneer ik mijn lief het bloed onder de nagels vandaan haal door hormonen, een kleinzielig karakter of een pesthumeur, dan zal ik daar niet snel over schrijven. In de hoop dat ik in zowel zijn hoofd als de mijne de tijd een stukje kan terugdraaien met mijn spijtbetuigingen.

Daarmee zijn twee vragen van Nina beantwoord (wat is publiek en privé en in hoeverre zit er allemaal volk op mijn schouder tijdens het schrijven): ik verzwijg weinig, maar ik schrijf niet veel over anderen. Mijn moraal is mijn moraal en niet die van vrienden of familie, dus die laat ik er zoveel mogelijk buiten. Collega’s heb ik niet. Opdrachtgevers wel, maar ik werk graag met opdrachtgevers die dit mijn sterke kant vinden. Dat lukt. Ik krijg mails van opdrachtgevers of ik iets wil schrijven in ‘mijn stijl’, en dan komen ze met kwalificaties als ’stout, prikkelend en vrolijk’. Dat had ik nooit bereikt als ik de rem erop had gehouden.

Tot slot de vraag van Nina of ik het vervelend vind dat ‘nieuwe’ contacten al zoveel over mij weten door mijn weblog. Dat is een lastige, want dat wisselt. Zowel de aanwas van nieuwe contacten is wisselend, als het feit dat ze ‘zoveel’ van mij weten. Allereerst moet ik zeggen dat mijn ‘echte’ vrienden mijn weblog nauwelijks lezen. Hoe dat precies komt, weet ik niet, maar na vier jaar ben ik aan dat idee gewend. Nieuwe contacten krijg ik heel vaak door mijn weblog en het zou merkwaardig zijn als ik dan zou zeggen dat ik last had van mijn weblog, want veel van die contacten had ik niet gehad zónder dat weblog. Sinds ik België woon is het weblog een goede manier om mij ouders, mijn zus en het handjevol vrienden dat mijn weblog wel leest op de hoogte te houden van mijn wel en wee. Andere mensen doen dat via bulkmails, ik doe dat via mijn weblog.

Maar dat is eigenlijk nog geen antwoord op haar vraag. Na nog even nadenken, kom ik tot de volgende conclusie: hoewel alles hierboven suggereert dat mijn hele leven op het web staat, is dat verre van waar. Ik schrijf alleen over schrijffà¤hige dingen. Dingen die mooi afgerond met een specifieke invalshoek kunnen leiden tot een leuk stukje. Mijn leven is niet mooi afgerond, kent geen specifieke invalshoek en duurt elke dag 23 uur 45 minuten langer dan het stukje dat ik schrijf. Iedereen die denkt alles over mij te weten, komt dus bedrogen uit. En zodoende valt er tijdens het klinken van de glazen met een nieuw contact nog voldoende te bespreken.

Gelukkig maar, anders zou ik direct ophouden met webloggen. Want hoe Holly Hobbie het ook klinkt: het echte leven is nog altijd een tikkeltje belangrijker dan dat in enen en nullen.

Acquisitie II – een tweedelig drieluik

het zijn dagen
als een boterham
op een bordje
hap eruit

verlaten door
de man
die beet
en zonder iets te zeggen
wegging

naar oorden
om woorden
en honger
verlegen

droog
en hard
van tanden
tot kaken
kraken
en hij
je ziet

de man
die smeerde
met een mes
en het risico
op
te zijn

(zie ook Acquisitie I – een tweedelig drieluik)

Wim Helsen, vanavond, Nederland 3

Ik schreef er hier over. En vanavond is dat op tv.
Om 22.40. Bij mij zijt ge veilig.

Dat mag je verdomme niet missen.

Masochisme

De vorige keer schreef ik na het zien van de film Beperkt Houdbaar een stukje over mezelf. Vanavond zag ik de film weer. Masochistisch, want ik word er down van. Maar ook goed, want het is een fantastische film en ik wil het strijdlustige dat ik eraan overhoud best steeds opnieuw aanwakkeren. Van mij mag de hele wereld op deze manier tegen het licht gehouden worden.
Ik ben te moe en te depressief om er nu iets inhoudelijks over te schrijven en eigenlijk had ik dat al gedaan, dus het hoeft ook niet. Maar het onderwerp komt vast nog wel eens voorbij hier, want het onderwerp beheerst mijn leven en zoals uit de film blijkt: niet alleen het mijne.
Wat ik hiermee wil zeggen? Ik weet het niet. Misschien dat het belangrijk is. Meer niet. Dus bij deze. Het is een belangrijke film.

(Ik ben me ervan bewust dat dit mosterd na de maaltijd is, omdat-ie zojuist op de tv was, excuses daarvoor. Kortom: mensen die de film niet hebben gezien, zullen deze hartenkreet niet begrijpen. Hen kan ik alleen maar aanraden de film alsnog te bekijken. Dat kan hier.)

(O ja, en nog iets: tot dinsdag.)

Errorverzoek

Dames en heren, u krijgt massaal errormeldingen verneem ik uit mails en reacties en hoewel ik zelf niets zie, zal ik u op uw woord geloven. Mijn verzoek aan u is simpel: mocht u errorgekriebel zien, doe dan alstublieft even copy/paste in de reacties hieronder, dan kan ik het gekriebel aan mijn nerd doorgeven die het dan weer bij hogerhand zal aankaarten.

Het is zo moeilijk oplossingen zoeken als je geen enkel errorspoor hebt om mee te beginnen. Ook al omdat sommige errors ontstaan bij het plaatsen van reacties, andere bij het klikken op de header en weer andere gewoon zomaar. Dus de kink in de kabel kan op talloze plekken zitten.
Bij voorbaat dank.

Een spekkie voor het bekkie

Had u al gehoord van bacn (spreek uit: bekon)? Bacn is het fatsoenlijke broertje van spam, maar eigenlijk is het net zo erg. Bacn bestaat uit e-mails waar je zelf om gevraagd hebt, maar die in zulke grote getalen op je afkomen dat je er een spamgevoel aan overhoudt. Mijn bacn bestaat uit onder meer nieuwsbrieven van 3voor12 en Unizo (de Vlaamse MKB), uit alle mails waaruit blijkt dat er op zezunja.nl, waarismijnmelk of een van mijn andere sites gereageerd is, uit rss-feeds van sites die elke dag publiceren, maar toch maar eens per week een écht interessant stukkie hebben (bijvoorbeeld The Unofficial Apple Weblog), uit groepsmails van vriendengroepjes waar ik bijhoor, uit berichten van mijn Hyves- en MySpacevrienden, uit reclame van mensen voor wie ik werk en uit allerlei massamails van mensen die reply-all klikken. Van de gemiddeld honderd e-mails die ik per dag ontvang, is 80 procent een spekkie voor het bekkie, of anders gezegd: bacn.

Ik vind het een goeie naam en een mooie combinatie. Spam en bacon. Voor de wat minder taligen onder ons: spam is ingeblikte ham, bacon is, uhm… ja… bacon… spek dus.

Goed, tot zover de uitleg over bacn. Mij hoort u niet klagen, want nogmaals: ik heb me bij volle bewustzijn ingeschreven voor die nieuwsbrieven en googlegroups, en sinds ik in België woon, krijg ik door de bacn het gevoel dat ik toch nog ergens bijhoor. Maar efficiënt is het niet, want zelfs het besluit om niet te reageren of verplaats naar prullenbak te klikken kost tijd.

Maar dan: produceer ik zelf ook bacn? Ja! Ik doe immers ook regelmatig aan reply-all, ik zwengel googlegroupmails aan, ik schrijf hooguit eens per week een écht interessant stukje en ik ben van plan veel eilandneusnieuwsbrieven te gaan kakken. Met andere woorden: ik was het varkentje met graagte, om ‘m vervolgens in stukjes te snijden voor bij een gebakken eitje. Bacon ‘n eggs dus. Met excuses voor de vegetariërs.

En wat vind ik daarvan? Ik schaam me een beetje. Net zoals ik me schaam dat de producten in mijn winkeltje made in China zijn en dat ik roze slakkenkorrels heb gestrooid om de pompoen en de broccoli te redden. Maar stop ik er dan dus mee? Nee. Ik voer de hoeveelheid zelfs nog een beetje op. Zo heb ik voor al mijn stukjes op nietlief reclame gemaakt op deze site, dus u vond bacn in uw rss-reader. Ook maakte ik reclame voor mijn cursussen – ook die vond u in uw rss-reader. En binnenkort maak ik reclame voor de eilandneussite, dus hou uw reader in de gaten.

Is dat erg? Mwah, ik denk dat iedereen voor zichzelf moet uitmaken hoe erg bacn is. Ik ben blij dat u mij in uw reader heeft en mocht u mij eruit flikkeren, omdat ik te veel reclame maak: so be it. Ik herinner me dat een lezer van Maanisch ooit klaagde dat ze die Ploesiepoesies verdomme eens uit haar rss-feed moest halen, omdat hij telkens lastiggevallen werd met reclame voor haar producten. Luna reageerde terecht dat ze dat vertikte en dat hij haar hele webzijde dan maar lekker uit zijn rss-reader moest verwijderen. En zo is het, adequater kan niet.

Dus voor iedereen die minder bacn wil: ga vooral uw gang, maar ik zal het u niet gemakkelijker maken. Ik maak bij deze namelijk gewoon nog wat reclame voor mezelf.

Want:
Op 12 september begint een cursus eindredactie van tien weken in Vilvoorde bij de Miles Academy. Ik en een heusche hotemetoot die voorwoorden schrijft voor groeneboekjes en van dales gaan proberen in tien bijeenkomsten een kleine groep beroepsschrijvers de kneepjes van het eindredactievak bij te brengen. Misschien is de cursus voor gewone stervelingen budgettair niet haalbaar, maar uw werkgever heeft vast potjes voor bijscholing, dus ik zou zeggen: doe eens een graai. Het wordt een leuke, leerzame, dynamische cursus waarin we alles wat we weten zullen delen en waarin we alle taalvalkuilen en redactionele kwesties die voor een eindredacteur van belang zijn, zullen aansnijden.

Om in te schrijven of voor meer informatie: ga naar de site. Er is nog plaats!

En dan:
Op zaterdag 17 en zondag 18 november begint een tweedaagse cursus columns schrijven bij Wisper in Leuven. Cursussen columns schrijven zijn de meest inspirerende cursussen die er zijn, al was het maar omdat het waanzinnig leuk is om te horen wat anderen ervan bakken. We zullen stil staan bij brainstorms, invalshoeken, stijl, bondigheid en vorm. De cursus is voor gewone stervelingen goed betaalbaar, dus er is geen enkele goede reden om u niet in te schrijven.

Kijk voor meer informatie en het inschrijvingsformulier op de site van Wisper.

Tot slot:
Op zaterdag 27 en zondag 28 oktober geef ik een cursus Interviewen bij Wisper in Gent. Omdat ik die cursus al eerder heb gegeven in Leuven, zal ik alle dingen die toen niet deugden, elimineren. Gevolg: een bijna perfecte cursus – kuch. Hoe dan ook: voor iedereen die wil leren interviewen en interviews wil leren uitwerken: er is nog plaats.

Klik door naar Wisper voor meer informatie en inschrijvingen.

Eet smakelijk.

Acquisitie I –
een tweedelig drieluik

ik was eerst
en daarna die mevrouw
was u niet ook voor hem
nou ja in elk geval
moet u na die meneer
vanochtend was ik hier
al voor het ochtenddauw
voor zoete broodjes
voorgesneden
maar ze waren
er niet meer

Bijgeloof van een niet-bijgelovige

Kunt u mijn lief even succes wensen? Hij doet ce moment namelijk een auditie.
U mag dat hier doen, of op zijn eigen webzijde ergens onder het laatste stukje of zo.

Update: Het lukte ook zonder u, want hij is geselecteerd. Later meer, hou daarvoor vooral zijn webzijde in de gaten. Met dank aan de enkeling die heeft zitten duimen. Merci dames!

Dingen die je alleen maar vies kunt eten

Ik ben op zoek naar dingen die je alleen maar vies of onhandig kunt eten.
In Nederland wist ik het wel: tompoucen! Maar hier in het Belgische zijn tompoucen nauwelijks populair.

Weet u iets?
Het hoeft niet per se zoet te zijn en ik heb het liefst iets dat je kant en klaar kunt kopen.
Merci.

Normaal houden ze niet zo van mij

‘Soms wil ik hier niet wonen.’
‘Waarom niet?’
‘Omdat bijna iedereen zo negatief is over Nederlanders.’
‘Wie? De Vlamingen?’
‘Ja, de Vlamingen.’
‘Maar we kijken toch juist tegen jullie op?’
‘Nee, dat is gelul. Een enkeling wel, maar de meesten niet.’
‘Hoezo? Waaraan merk je dat?’
‘In gesprekken, in de krant, op weblogs, op feestjes, op tv.’
‘Nou, dat valt toch wel mee?’
‘Nee, dat valt helemaal niet mee.’
‘Maar wat bedoel je dan met negatief?’
‘Nou gewoon, allerlei negatiefs. Soms niet eens beargumenteerd.’
‘Maar we zeggen toch ook vaak aardige dingen over jullie.’
‘Ja, dat komt wel eens voor. Laten we zeggen dat twintig procent aardig is en tachtig procent niet.’
‘Kom! Nu overdrijf je wel een beetje.’
‘Nee, niet. Sterker, aardige dingen worden vaak vooraf gegaan door: normaal hou ik niet zo van Hollanders, maar bladiebladiebla.’
‘Maar jullie zeggen toch ook onaardige dingen over ons.’
‘Nauwelijks. We hebben moppen, maar dat zijn grapjes. En veel vooroordelen. Maar die zijn overwegend positief.’
‘Ik denk dat een Vlaming die in Nederland woont hetzelfde kan zeggen als jij.’
‘Ik durf te wedden van niet.’
‘Hoe weet je dat?’
‘Omdat ik veel Vlamingen heb lesgegeven en zag hoe Nederlandse studenten met hen omgingen. Dat die vaak vol bewondering waren. En nieuwsgierig.’
‘Maar het is toch ook niet waar dat wij zo negatief zijn over Nederlanders?’
‘Jawel.’
‘Noem eens wat dan?’
‘Nou ja, al die opmerkingen over Nederlanders die luidruchtig en onbeschoft zijn. En direct en grof.’
‘Ja, ach, dat zijn altijd dezelfde mensen die dat zeggen.’
‘Nee, ook vrienden en familie. Het zijn maar kleine dingen, meestal over wat we zeggen, wat we eten of hoe we schrijven. Soms over hoe punctueel we zijn, hoe zuinig en hoe weinig intiem. Over onze woordenschat, onze uitspraak, onze televisieprogramma’s, onze…’
‘Ach…’
‘Ja, het stelt allemaal weinig voor, maar alles bij elkaar is het veel. En het steekt me.’
‘Je moet het je niet aantrekken.’
‘Dat doe ik meestal ook niet, maar te veel druppels doen de emmer overlopen. En dan wil ik hier soms gewoon niet wonen.’
‘Ach meisje toch.’
‘Ja.’
‘Maar ik neem het voor je op hoor.’

En dat deed hij. Kijk en lees.

Hoe Piet Huysentruyt stil werd van
de confrontatie met ‘ene Zezunja’

Dankzij een lezeres van m’n webzijde, die ik via deze weg nog eens hartelijk wil bedanken, kwam ik erachter dat in Het Nieuwsblad van afgelopen zaterdag ‘ene Zezunja’ werd aangehaald in een interview met Piet Huysentruyt. De televisiekok werd geconfronteerd met een zin uit het stukje Open brief aan Piet Huysentruyt en de zijnen dat ik een paar maanden geleden plaatste. De brief was verstuurd aan Piet zelf, aan VTM en aan Humo, maar destijds hoorde ik er niets meer van.
Voor wie Het Nieuwsblad niet leest: ik zal het stukje tekst hieronder citeren. En als u hier klikt, kunt u het fragmentje in print zien.
Ik citeer:

(…)

Een open brief aan u, gevonden op de weblog van ene Zezunja: ‘Ik zie vrijwel nooit een pleidooi voor biologisch eten. Dat vind ik schokkend, want de invloed van tv-koks lijkt groot, maar ze nemen niet de verantwoordelijkheid die bij die invloed gepast zou zijn.’
(lange stilte) ‘Ze heeft voor vijftig procent gelijk. Maar stel dat ik een pleidooi hou voor de biokip. Ja, dan zullen mensen die kip misschien wel kopen, maar na twee keer haken ze af. Reden: te duur. En zie je me al met mijn vingertje zwaaien: gij zult biokip kopen? Tv moet leuk blijven hè? Anders zappen mensen weg.’

De wet van de commercie?
‘Nee, maar de kijker is toch vrij om te kopen wat hij wil? De politiek moet ingrijpen verdorie. Het ministerie van Gezondheid moet de bioboeren veel meer steunen, zodat hun producten goedkoper worden. Dat is niet de taak van een televisiekok.’

Maar als televisiekok heeft u wel invloed.
‘Ja absoluut. Maar ik zal dat nooit uitbuiten. Ik zorg wel dat er kruiden op de markt zijn met mijn naam erop, maar het zijn ook goeie kruiden. Waarom zou ik dat niet mogen doen? En ik wil wel een biokip op de markt brengen, maar dan zou die veel geld kosten. Goeie Franse biokippen kosten wel 35 euro. Weet je wat voor kritiek ik dan zou krijgen? Daar is hij weer hoor met zijn dure kip. Hij steekt al het geld in zijn zakken en de kruimels zijn voor de bioboeren. Mensen zien enkel wat je verdient, niet hoe hard je werkt. Het is niet omdat ik in de Ardèche woon, dat ik niet werk hè. Soms ben ik wekenlang van huis.’

(…)

Aldus Piet. Wat mij betreft had hij zich mogen beperken tot de lange stilte, maar ik ben wel tevreden. Piet was met stomheid geslagen. En terecht.

Het Eiland Neus vergadert

Toen ik thuiskwam, had hij een besluitenlijstje klaar. Als u op het stukje hieronder heeft geklikt, kent u ze, die besluiten. Aangezien ik mijn vrije avond had doorgebracht met vijf wijn en fijn gezelschap barstte ik in huilen uit. Besluitenlijsten van dat kaliber doen het goed bij mijn traanbuis. Vijf wijn ook. Zeker als ik in de veronderstelling verkeer dat hij dolblij is dat ik eindelijk een avondje weg ben. Dat hij niets liever doet dan even niet aan mij denken. En dat er dan ineens een besluitenlijst ligt als ik thuiskom. Aboe aboe snotter snif. Maar goed, genoeg over de schoonzus die zijwegen bazelt.

Vandaag het echte werk: de vergadering begon om half vier. Agendapunt 1 – het besluitenlijstje van mijn compagnon – was een hamerstuk. We waren allebei akkoord en bestelden om dat te vieren een portie kippenboutjes en een Spaanse tortilla.

Agendapunt 2 daarentegen kostte anderhalf uur, twee cola, een plat water, talloze hoofdbrekens en zeker vier sigaretten. De financiën. Conclusie: florissant is anders. Pas in oktober spelen we quitte en in november maken we winst. Maar hee, een beginnend bedrijf en hetzelfde jaar nog winst maken? Dat is geen kattenpis. Om dat te vieren maken we de winst van november al in juli op.

Dan puntje 3, waar halen we meer opdrachten vandaan? Nou uhm, gewoon, meer opdrachten binnenhalen. We knikten ferm en bestelden maar vast een borrel, terwijl dat pas agendapunt 6 was. Een rode porto en een kir. Niet royal, want de winst was al elders verdeeld. De penningmeester vond een gewone kir het hoogst haalbare.

Puntje 4, wat willen we? Uh, meer opdrachten. Nee, nee! Even een punt van orde: meer opdrachten was punt 3, dat hebben we afgehandeld. Zo gaat ‘t uren duren.

Nou okee, stoppen met roken dan maar, want daar was die winst van afhankelijk. O ja. Nou goed, een planning dus. Dán stoppen, dán lopen, dán zwemmen. Helden zijn we! Mag dat wel even in de notulen? Ech-te helden! En we staken er nog maar een op.

Punt 5, de welbekende weeveeteeteekaa. Nou, er kwam van alles ter tafel. De zo zorgvuldig berekende winst kalfde langzaam af. Nog een schuldje hier, en een ziekenhuisrekeningetje daar. Maarre… dat was punt 3! Heren! Dames! Orde!

De rondvraag. Op de eerste vraag zei de voorzitter: Ja, ik wil met je trouwen. Terwijl die vraag nog niet eens gesteld was. Dat was meteen ook de laatste rondvraag. Daarna kon er geborreld worden.

Dames en heren, nog één mededeling: de rekening, met btw bon, afleveren bij het secretariaat. Die kan namelijk worden afgetrokken. Ook de kir. Over twee weken is de volgende vergadering. En nu, hup, naar huis. Het is al half zeven. De poezen hebben honger.

Het is nieuw hier

Yup, nieuw.

Een maand of acht geleden maakte ik een eigen site op mijn eigen domein. Ik had toen iets in mijn hoofd met kaders en ronde hoeken, met ismen en mouse-overs, met behangetjes en horsepukeletters (haha, paardenkotsletters, wat zegt dat over mij?).
Het lukte. Ik was trots op mijn eerste, deels zelf getweakte, weblogje. Weg bij punt.nl, mijn eigen toko op mijn eigen domein. Origineel, vond ik het. En niet lelijk.

Maar ik was mezelf niet meer. Zo ingekaderd, zonder wit. Zo gebonden aan een kolombreedte die mijn breedsprakigheid alleen maar meer onderstreepte. Zo zonder Georgia, met een keurig uitvullend blokje tekst. Geen mogelijkheid meer tot uitgesneden De Een en De Anders. Geen humor en luchtigheid, met die donkere pasteltinten. Maar bovenal: zó’n ingewikkeld Wordpressthema dat ik ideeën die op achternamiddagen in mij opborrelden absoluut niet zelf kon uitvoeren.

Nu heb ik html-les gekregen en een simpel thema uitgekozen. Ik heb gisteren van alles gedaan dat ik niet voor mogelijk hield. Hoog tijd om mijzelf apetrots op de borst te roffelen. Natuurlijk had ik Yuri wel nodig als het echt moeilijk werd (mijn dank is groot), maar voor de rest deed ik het zelf. Het bedenken én het uitvoeren. Ik ben blij.

Heden ben ik mijzelf weer.

(Voor nieuws over Ondergoed, lees vooral het stukje hieronder)